Een paar dagen op een Waddeneiland vraagt een andere manier van inpakken dan een stedentrip. Je loopt of fietst veel, het weer verandert snel en de winkels liggen niet om de hoek. Wie slim pakt, heeft minder zeulwerk en meer tijd voor het strand.
Op een eiland kan het binnen een uur van zon naar wind en regen gaan. Neem daarom dunne lagen mee in plaats van één dikke trui: een shirt, een vest en een windjack die je over elkaar draagt. Een muts en een dunne sjaal wegen bijna niets en maken op de dijk veel verschil.
Neem één paar schoenen mee waarmee je ook door nat zand of over een modderig pad kunt. Een tweede paar om droog in te zijn is prettig. Regenkleding hoort in je tas, ook als de voorspelling goed is.
Een zware koffer is lastig op een fiets of in een bus. Een rugzak of zachte weekendtas past beter. Houd een lijstje aan van wat echt nodig is:
Vraag bij je verblijf na wat er aanwezig is, zoals handdoeken of beddengoed. Dat scheelt ruimte. En controleer vooraf de vaartijden en de manier waarop je bagage mee kunt, want die verschillen per eiland en per seizoen.